KERKASIEL IN KAMPEN
(dit artikel werd in maart jl gepubliceerd in het magazine van de Mariënburgvereniging)
Het is dinsdag 28 oktober 2025, 9.00 uur ’s ochtends. Voor de derde keer dit jaar sta ik met een groepje mensen uit de Bethelkapel in Den Haag te wachten op Station Den Haag Centraal tot de trein vertrekt die ons richting Kampen zal brengen.

Daar verblijft de uitgeprocedeerde familie Babayants (vader, moeder, drie kinderen) sinds 21 november 2024 in het kerkelijk centrum Open Hof. Slechts door het houden van een voortgaande kerkdienst kan voorkomen worden dat zij het land worden uitgezet, en wij zullen aan die kerkdienst een bijdrage leveren.
Waarom doen wij dat eigenlijk? Twaalf jaar lang is de familie nu in Nederland en ook de laatste uitspraak leverde een negatieve beschikking op. Moeten de familie Babayants en al diegenen die proberen hun uitzetting te voorkomen zich daar dan niet bij neerleggen? Het besluit is toch geheel ‘volgens de regels’ genomen, dus juridisch rechtmatig? Dat klopt, maar is het daarmee ook een rechtvaardig besluit? De jongste twee kinderen zijn hier geboren en hebben totaal geen binding met hun land van herkomst (Oezbekistan); alleen de oudste zoon heeft nog herinneringen aan zijn geboorteland. De kinderen van het gezin Babayants zijn hier geworteld. Uitzetting van kinderen die vijf jaar of langer in Nederland verblijven, zorgt altijd voor ernstige schade in hun ontwikkeling. Dat valt ook te lezen in het rapport ‘Schaderisico bij uitzetting langdurig verblijvende kinderen’, geschreven door hoogleraar klinische neuropsychologie Erik Scherder, kinderrechtenspecialist Carla van Os en kindergedragswetenschapper Elianne Zijlstra. Zij wijzen erop dat terugkeer naar een land met een heel andere cultuur schadelijk is. Ook is hierbij het ‘Internationale verdrag inzake de Rechten van het kind’ van toepassing, waarin gesteld wordt dat ieder kind recht heeft op een continue ontwikkeling. De breuk van uitzetting is daarmee in strijd. Kortom, het is van belang dat de autoriteiten erkennen dat het oorspronkelijke besluit weliswaar juridisch rechtmatig was, maar dat een nieuw kinderpardon na 30 januari 2019, toen de familie Tamrazyan haar kerkasiel in de Bethelkapel te Den Haag kon beëindigen, onvermijdelijk is. De druk om hiertoe over te gaan is des te dringender, omdat er naast de familie Babayants nog ruim 420 andere kinderen in een soortgelijke situatie verkeren. Op moreel menselijke gronden mag zo’n besluit niet langer op zich laten wachten. Des te urgenter is het dan ook om de familie Babayants zo goed mogelijk te ondersteunen in hun wilsbesluit hier in Nederland te blijven. En dat is ook de reden waarom wij die ochtend met de trein naar Kampen afreizen.

De voortgaande kerkdienst is inmiddels verzorgd door honderden verschillende voorgangers. In de vierde week van het kerkasiel (december 2024) waren er al 197 verschillende voorgangers bij betrokken geweest. En nog altijd zijn er geen gaten gevallen in het dienstrooster. Veel voorgangers, waaronder wijzelf, bezoeken Kampen meerdere malen. Ook al zijn er soms maar enkele mensen bij de viering aanwezig, altijd is er een brandende kaars die van de ene voorganger wordt doorgegeven aan de andere voorganger. Daarmee wordt het voortgaande karakter van de dienst benadrukt.
Om een indruk te geven van deze voortgaande dienst zal ik iets vertellen over de onderdelen die wij voor onze rekening hebben genomen.
Toen wij in maart voor de eerste keer Kampen bezochten, hadden we twee thema’s die met liederen, teksten en discussie aandacht kregen. We spraken en zongen over “hoop” en hadden het over de profeet Jeremia. Jeremia was een gevoelig mens, die het moest opnemen tegen de gevestigde orde van zijn tijd, zoals wij nu doen om de autoriteiten tot meer menselijkheid te bewegen en een nieuw kinderpardon te bewerkstelligen.
Toen wij 21 mei opnieuw naar Kampen gingen, was het thema “Pech gehad!?” Aanleiding daarvoor was een uitspraak die iemand deed toen ik het over de familie Babayants had. Sprekend over de uitzetting die haar boven het hoofd hangt, zei deze persoon: “Nou, ze hebben gewoon pech gehad! Ze moeten zich daar bij neerleggen!” In de viering vroegen wij ons af wat Jezus daarover gezegd zou hebben.
Bij de derde keer toen wij in Kampen waren, stond als thema “Ik zal er zijn” centraal, maar ook hadden we het over grenzen. Zijn grenzen eigenlijk wel nodig? Waarom wel of niet? Hoe ga je om met mensen die ongeoorloofd een grens willen passeren? Om ons goed in te leven in een situatie speelden we dit na in een rollenspel. Bovendien werd aan iedereen gevraagd een grens te tekenen. Hoe zou die er uit zien? En kun je uitleggen waarom jouw grens er zo uitziet?
Uit dit laatste voorbeeld zal duidelijk worden dat wij ons als voorganger een grote vrijheid permitteerden wat betreft de vormgeving van een dienst. Daarnaast waren er ook onderdelen die heel traditioneel vormgegeven werden. Misschien heeft die vrijheid wel te maken met het feit dat wij van de Haagse Dominicus een oecumenische geloofsgemeenschap vormen, waardoor wij minder te maken hebben met de strakke regelgeving die de verschillende denominaties soms eigen is.
Het is niet alleen de voortgaande kerkdienst die het verblijf van de familie Babayants in kerkelijk centrum Open Hof mogelijk maakt. Ook de talloze vrijwilligers, die overal vandaan komen, zorgen hiervoor. Zo zijn er in Open Hof steevast twee vrijwilligers die gasten ontvangen, beeld of geluid helpen verzorgen en de toiletten bijhouden. Ook bewaken ze de privéruimte van de familie Babayants, zodat niemand zonder toestemming daar naar binnen gaat. Uit eigen ervaring kan ik zeggen dat we steeds hartelijk ontvangen werden door betrokken vrijwilligers die ook graag een praatje met ons hielden.
Op dit moment van schrijven verblijft de familie reeds 13 maanden in kerkelijk centrum Open Hof. Hoe houden ze dit vol? Hoe brengen ze hun tijd door? Een artikel in Trouw van 15 november jl. bracht daar meer duidelijkheid over.
Ariana (15) had tot afgelopen zomer online les bij haar oude school in Emmen. Na de zomer werd ze uitgeschreven. Maar ze wil verder, ze wil leren. Daarom is ze dolblij dat in de kerk nu een kerkasiel-school is opgezet, met klas 3 VMBO voor Ariana en groep 8 voor haar zusje Amelia van 11. Ariana zegt daarover: “Ik ben klaar met wachten. Ik wil doen wat kinderen van mijn leeftijd doen. We zitten hier een beetje opgesloten, en als je les krijgt voel je je meer bij andere kinderen horen.” Op de vraag wat voor profiel ze gaat kiezen, betrekt haar gezicht. Ze twijfelt tussen zorg en welzijn , en economie. Onmiddellijk daarna zegt ze: “Het hangt er vanaf wat je later wil worden, maar ik weet niet hoe mijn toekomst eruit ziet. Ik wil graag met mijn familie een eigen huis en een normaal leven leiden. Dat heb ik nooit gehad en dat geeft onrust in mijn hoofd. Pas als ik rust heb kan ik dromen.”
Zoon Aram (21) is klaar met zijn MBO-opleiding. Samen met zijn vader Aleksandr (49) helpt hij de kringloopwinkel. Die brengt spullen voor reparatie naar de kerk. Hij sport veel, terwijl zijn zussen zich graag bezig houden met dansen.
Moeder Karina (42) doet het huishouden en bij de was neemt ze ook de vuile handdoeken van de kerk mee. Elke dag maakt ze een boodschappenlijstje voor een vrijwilliger. Ze kookt in hun eigen ruimte, of in de keuken van de bar. Als het gezin in Nederland mag blijven, wil ze gaan werken in de zorg.
De familie heeft het moeilijk, vooral omdat ze afhankelijk zijn van andere mensen, van de IND en van de politiek. Ook voelen ze een groot gemis aan vrijheid. Hun woonruimte heeft een dakraam. Vader Aleksandr kijkt elke nacht naar het kruis op de kerk. Hij zegt daarover: “Dan weet ik: God is met ons.” Hij gaat ervan uit dat ‘alles goedkomt’, maar vindt ook dat het ‘wel heel lang duurt’. Op posters van Ariana en Amelia, die aan de muur hangen, staat als tekst te lezen: “Het liefst dansen wij naar buiten….dans je met ons mee?”
Het is voor mij moeilijk te verteren dat mensen die zo graag iets willen en kunnen betekenen voor onze samenleving daar niet de kans voor krijgen. Daar doen we niet alleen hen, maar ook onszelf ernstig mee tekort!
Kijkend naar de situatie waarin vanuit humanitair oogpunt een nieuw kinderpardon dringend noodzakelijk is, moet ik helaas constateren dat zowel binnen het huidige demissionaire kabinet als binnen de Kamer er geen tekenen zijn die er op wijzen dat men hier aandacht voor heeft.
Integendeel, men wil het zogenaamd illegaal verblijf in Nederland strafbaar stellen. Er heerst steeds meer het idee dat paal en perk gesteld moet worden aan de komst van asielzoekers en hun verblijf hier in Nederland. Er moet orde op zaken gesteld worden, daadkracht getoond. Migranten worden meer en meer gemarginaliseerd.
Ook Jezus toonde daadkracht en kwam orde op zaken stellen, maar Hij had oog voor de zwakken in de samenleving, voor hen die niet gezien werden. Als christen en als mens kies ik daarom voor een menswaardige samenleving waarin aan ieder mens recht wordt gedaan, dus ook aan mensen die hier asiel zoeken.
Over vreemdeling zijn in een ander land heeft Joris Linssen nu een voorstelling gemaakt met als titel “Lieve hemel”. Het is een zoektocht naar hoop, verbondenheid en medemenselijkheid, waarin een verband wordt gelegd tussen het gezin Babayants en het bijbelboek Ruth. Te zien in verschillende theaters vanaf maart 2026.
Gerard Jansen

