Voorgangers: Mariannen Pompert en Gerard Jansen
Gerard: Welkom en mededelingen

Van harte welkom bij deze viering van de Haagse Dominicus, ook u allen die middels de livestream met ons verbonden bent.

De voorgangers in deze viering zijn Marianne Pompert en Gerard Jansen.

Aan de piano zit vandaag Domonkos.

Soms komt het voor dat je in je hoofd ergens mee bezig bent en dat je dan in je omgeving dingen opmerkt die daar mee te maken hebben. Zo waren mijn vrouw Anne-Marie en ik vorige week op vakantie in Oostenrijk. Door een gesprek dat we daar met iemand hadden, hoorden we dat er in de buurt een zogenaamd “bezinningspad” was, dat bovendien erg mooi was om te lopen. En u begrijpt het al, dat gingen we doen! Mooi was het zeker en al snel ontdekten we wat het woord “bezinning” inhield. Na iedere 100 of 150 meter kwam je langs het pad een spreuk tegen, die bijna altijd over barmhartigheid ging. De eerste spreuk was: “Ik had honger en u hebt mij te eten gegeven”. Ook deze was mooi: “5 waren er uitgenodigd, 10 zijn er gekomen; doe wat water bij de soep zodat iedereen welkom kan zijn”. Deze  spreuken verwijzen naar twee van de zeven werken van barmhartigheid, waar het vandaag in de viering over gaat. Daarover later meer.

Het collectedoel van deze en de komende zondagen mag wel bijzonder heten. Daarom nodig ik Veronique graag uit hier meer over te vertellen.

Aankondiging collectedoel door Veronique

Licht ontsteken en klankschaal

Dan zal ik nu de kaarsen aansteken opdat deze viering ons mag inspireren om licht en warmte uit te stralen naar de mensen om ons heen.

De klankschaal helpt om rust te vinden in onszelf.

Wij wensen u in het komende uur veel inspiratie toe.

Lied  Zou niet

Zou niet de vreemdeling die wij verwelkomen ook ons omarmen?

Zou niet een hemd ons van het lijf gevraagd ook ons verwarmen?

Zou niet een zieke die wij bezoeken ook ons genezen?

Zou niet het water dat wij te drinken geven ook ons doen leven?

Zou niet een woord dat wij ten goede spreken ook ons vertroosten?

Marianne:

Inleiding

De voorbereiding op Pasen, de veertigdagen periode, begint vandaag al, hier binnen de HD.

Dat is eigenlijk een beetje voorbarig want a.s. woensdag is het Aswoensdag, en dat is de officiële start van de veertigdagenperiode of vastenperiode. We vieren vanmorgen dus geen Aswoensdag viering, maar we zullen wel stilstaan bij de betekenis van de veertigdagen of vastenperiode.

We gaan vandaag dus al op weg naar Pasen. We maken veertig passen naar Pasen.

Veertig dagen van inkeer en bezinning, van vasten en vallen om tenslotte op te kunnen staan en verder te kunnen gaan.

Deze zondag is tevens de opening van de fototentoonstelling van werken van Kees de Winter.

Kees de Winter, theoloog maar tegenwoordig vooral fotograaf. Hij geeft de zeven werken van barmhartigheid op zijn foto’s letterlijk handen en voeten. Je moet goed kijken voordat de beelden al hun geheimen prijsgeven. Er zijn meer lagen dan je denkt.

Vandaag staan we stil bij twee beelden, zoals Gerard al aangaf, de hongerigen voeden en de dorstigen laven, en gaan we op zoek naar de verbinding tussen barmhartigheid en vasten.

En het is mooi dat jullie aan de barmhartigheid daadwerkelijk handen en voeten hebben gegeven, door het meenemen van voedsel en drinken bestemd voor de voedselbank.

Gebed, een gebed van Dietrich Bonhoeffer

God, sla toch acht op Uw wereld.

Honger en dorst, geen thuis, geen werk, tranen en vertwijfeling.

God, zijn dat de werken van Uw barmhartigheid?

Is dat de wereld die U geschapen hebt?

Ach, wij moeten ver van U zijn afgedwaald, dat Uw schepselen zo moeten lijden.

Wij geloven niets meer en wij hopen op niets meer.

Kom, o God, en doorbreek deze misère, dit gejammer, verberg voor ons toch niet de belofte

dat U een nieuwe hemel en een nieuwe aarde wilt scheppen.

Dat U, de armen en de ellendigen, de treurenden en de rechtelozen in Uw Rijk hebt uitgenodigd.

Maak ons weer blij.

Lied Wie zijn leven niet wil geven (VL 441)

Gerard:

Lezingen: uit de NBV21

Jesaja 58 vers 6 en 7

Is dit niet het vasten dat Ik verkies:

misdadige ketenen losmaken,

de banden van het juk ontbinden,

de verdrukten bevrijden,

en ieder juk breken?

Is het niet: je brood delen met de hongerige,

onderdak bieden aan armen zonder huis,

iemand kleden die naakt is,

je bekommeren om je medemensen?

Matteüs 6 vers 1, 2 en 3

Let op dat jullie je gerechtigheid niet tentoonspreiden om door de mensen gezien te worden. Dan beloont jullie Vader in de hemel je niet. Dus wanneer je iemand iets geeft uit barmhartigheid, bazuin dat dan niet rond, zoals de huichelaars doen in de synagoge en op straat om door de mensen geprezen te worden. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Als je iets uit barmhartigheid geeft, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet.

Lied En weer zingen (Psalm 101 vrij)

Marianne:

Introductie film

Bring me a little water Silvy is een worksong uit de tijd van de slavernij. Terwijl de slaven in de brandende zon hun zware werkzaamheden verrichtten, liep er een meisje rond met een emmer water om ze regelmatig van drinken te voorzien. Zij werd met dit lied toegezongen, want iedereen wilde dat zij zo snel mogelijk langskwam.

Film Bring me a little water Silvie

Lied  Aan de stromen van uw paradijstuin (VL 62)

Overweging

Lieve mensen.

Wanneer ik als kind tegen mijn moeder zei dat ik honger had, werd ik gelijk gecorrigeerd.

“Je hebt geen honger, je hebt hooguit trek. Je hebt geen idee wat het betekent om honger te hebben”

Nu ben ik van na de oorlog, zoals dat wel genoemd wordt en heb ik van mijn ouders meegekregen dat je zuinig moest omgaan met eten en drinken. Ongetwijfeld kwam dit voort uit wat mijn ouders tijdens de oorlog hebben meegemaakt. En ook bij de opmerking van mijn moeder dat ik geen idee kon hebben wat honger echt betekent, doelde ze natuurlijk ook op de hongerwinter.

Misschien herkent u het wel vanuit uw eigen opvoeding.

Ik heb in mijn verdere leven dan ook nooit meer gezegd dat ik ‘honger’ heb. En ik heb het bij mijn kinderen nog eens op nagevraagd, en inderdaad ik heb het ook doorgegeven.

Wanneer we dorst hadden, konden we dat wel gewoon zeggen. Komt dat omdat er geen alternatief is voor het woord dorst?

Was er een ander woord voor dorst geweest, dan had mijn moeder misschien wel gezegd:

“je hebt geen idee wat het betekent om dorst te hebben”.

Ik heb tijdens mijn opleiding veel kunnen leren, maar één van de belangrijkste dingen die mij is bij gebleven is, dat je binnen een pastoraal gesprek nooit kan zeggen: Ik kan het mij zo goed voorstellen. Want je kunt het je niet voorstellen wanneer je het niet hebt meegemaakt. En al heb je iets meegemaakt dat mogelijk hetzelfde is dan hetgeen je gesprekspartner heeft meegemaakt, dan nog is het nooit precies hetzelfde.

Zo kunnen wij ons ook niets voorstellen bij de dorst die de slaven meemaakten daar op die plantages. Hoe ze konden verlangen naar het water dat Suzie kwam brengen.

Primo Levi schrijft in zijn boek “is dit een mens” het volgende: dorst is dwingender dan honger. Honger mat af, dorst maakt razend en in die dagen hadden we dag en nacht dorst.

Primo Levi werd in 1944 als 24-jarige Jood naar Auschwitz gedeporteerd. Als één van

de weinigen keerde hij hiervan terug. Zijn boek is een verslag van de één van de

donkerste periode van onze geschiedenis.

Hij beschrijft hoe de extreme dorst de morele grenzen doet vervagen. Een beroemd voorbeeld is het moment waarop hij een druppelende kraan vindt; hij drinkt er zelf van zonder zijn medevluchteling te waarschuwen, een daad die hij later typeert als een pijnlijk teken van morele degradatie.

Ik zag vorige week een reportage van Nederland in Beeld, dit keer ging het over de babyboomers. Over mijn, en ik denk van velen van ons hier ook, generatie. Daarin kwam ook ter sprake dat de babyboom generatie, een generatie is die geen oorlog heeft meegemaakt. Er werd wel gelijk achteraan gezegd, tot nu toe dan.

Terwijl ik daar met veel genoegen en herkenning naar keek, bedacht ik mij dat wij inderdaad daardoor geen idee hadden en hebben wat echte honger en dorst hebben betekent.

Wat het hebben van dorst en honger met een mens kan doen, zoals ervaren door de slaven op de plantages en beschreven door Primo Levi.

Deze reflectie op dorst en ontbering vormt als het ware een brug naar de woorden uit Jesaja 58.

In de woorden van Jesaja wordt het verband tussen vasten en barmhartigheid gelijk duidelijk gemaakt. Jesaja plaatst vraagtekens bij bepaalde manieren van vasten. In de verzen voorafgaand aan de tekst welke we vanmorgen hebben gelezen, kunnen we lezen dat de mensen tijdens het vasten hun arbeiders afbeulen en onder het vasten ruziën.

Terwijl het volk aan de ene kant vast en zich onthoudt, houden ze er aan de andere kant een levenswandel op na die ver weg staat van wat de intentie is van het Bijbelse vasten.

N.l.: in de bijbel wordt vasten gebruikt als een manier om dichter bij God te komen, berouw te tonen en het gebed kracht bij te zetten.

In de passage welke we vanmorgen hebben gelezen, legt Jesaja dan uit wat voor God dan wel een goede vorm van vasten is (verzen 6-7):

Het werkelijke vasten bestaat o.a. uit het bevrijden van verdrukten en je brood delen met de hongerigen.

In Jesaja wordt duidelijk dat vasten niet alleen gaat om het onthouden van voedsel en drinken, maar vooral een uitnodiging is tot rechtvaardigheid, solidariteit en daadwerkelijke zorg voor de ander. Het doorbreken van onrecht en het delen van wat we hebben, wordt gezien als het ware offer dat God van ons vraagt.

Ook in Matteüs 6 klinkt deze oproep tot barmhartigheid door, maar met een nadruk op de intentie waarmee we handelen: “Let op dat jullie je gerechtigheid niet tentoonspreiden om door de mensen gezien te worden. Als je iets uit barmhartigheid geeft, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet.”

Echte barmhartigheid komt voort uit een oprecht hart, niet uit de behoefte aan erkenning of lof.

Juist daardoor krijgt het vasten een diepere betekenis:. Vasten nodigt uit tot barmhartigheid – het vermogen om ons in anderen te verplaatsen, ook al kunnen we hun situatie nooit helemaal begrijpen. Het is een oefening in solidariteit, waarbij we ons verbinden met wie tekortkomen en ons hart openen voor hun nood, zodat onze handelingen voortkomen uit echte betrokkenheid en medemenselijkheid.

In de Bijbel wordt vasten dus niet slechts gezien als een individuele spirituele daad, maar als een stimulans om barmhartig te zijn. Vasten helpt gelovigen om los te komen van zelfzucht en zich te openen voor de noden van anderen. Het is een manier om Gods liefde praktisch te maken in de wereld.

Vasten en barmhartigheid zijn geen losse praktijken, maar versterken elkaar: een vasten zonder barmhartigheid mist zijn doel, terwijl ware barmhartigheid voortkomt uit een zuiver hart dat Gods nabijheid zoekt.

Zou niet het water dat wij te drinken geven ook ons doen leven?

Zou niet een woord dat wij ten goede spreken ook ons vertroosten?

Amen

Lied  Keer U om  (VL 214)

Gerard:

Voorbeden

Goede God,

Iedere dag doet het ons pijn te zien hoe mensen lijden onder geweld en onderdrukking. Op tal van plaatsen in de wereld woedt oorlog en het zijn niet de hoge heren die daar last van hebben, maar juist de mensen die niets anders willen dan gewoon leven, zorg dragen voor hun gezin, elkaar liefhebben. Dit alles wordt hen ontnomen; ze moeten vluchten en hopen dat anderen hen willen opvangen. Vaak komen zij in erbarmelijke omstandigheden te verkeren en lijden honger en dorst.

Laat ons niet blind en onverschillig blijven voor wat zij nodig hebben, maar juist solidair in woord en daad. Bijvoorbeeld door het steunen van hulporganisaties die zich in deze gebieden actief inzetten voor hen die te kort hebben, soms aan alles.

Tekorten zijn er op tal van gebieden. Velen hongeren naar een rechtvaardige samenleving, waarin ieder krijgt wat hij of zij nodig heeft. We hongeren naar vrede in onszelf en om ons heen, naar tekenen van hoop in sombere tijden, naar liefde. Wij vragen u God: help ons niet te blijven zitten in onze eigen bubbel, omdat dit zo lekker comfortabel aanvoelt, maar doorbreek onze onverschilligheid en laat ons om ons heen kijken om te zien waarmee wij een ander kunnen helpen. Help ons om te delen, om solidair te zijn met hen die te kort komen, op welk gebied dan ook.

Goede God, wij vragen U: help ons te leven vanuit vertrouwen: vertrouwen in de ander, in onszelf en in U. Alleen zo kan datgene wat nu nog onmogelijk lijkt, mogelijk worden, kan er recht worden gedaan aan iedereen, en kan aan alle soorten honger een eind worden gemaakt. Dat vragen wij U God, vanuit de grond van ons hart.

Bidden wij tenslotte voor de mensen voor wie een intentie is opgeschreven in het intentieboek: ------------------------------------------------------------------

Barmhartige God,

zo bidden wij U voor alle mensen die U nodig hebben.

Verhoor onze gebeden en wil met ons zijn,

vandaag en altijd / Amen.

Collecte en muziek

Vrije ruimte

We willen vanmorgen starten met een nieuw onderdeel in de vieringen van de HD.

Namelijk de vrije of open ruimte. Deze ruimte geeft de mogelijkheid om aan jullie te vragen

hoe jullie de viering hebben ervaren? Wat neemt je er van mee? Wil je er misschien een persoonlijke reflectie opgeven?

  • Vraag: Er in tweetallen over praten? Lopen? Klankschaal? Tijdsduur?

Vanmorgen willen we jullie, om te beginnen met dit experiment, vragen om te reflecteren op de foto’s/beelden. Je kunt er ook één uitkiezen. Wat spreekt je aan? Wat valt je op? Kijk je anders naar het thema na deze viering?

Daarnaast mag je je uiteraard ook ‘vrij’ voelen (tenslotte noemen we niet voor niets de vrije ruimte) om te reageren op de viering zelf.

Marianne:

Ritueel met stenen

Inleiding:

Ik las ergens dat het woordje ‘vasten’ oorspronkelijk iets te maken zou hebben met ‘je ergens op vastleggen”. Dat vinden mensen nogal eens lastig, maar het is eigenlijk is heel goeds.

Een afspraak maken met jezelf en je er dan ook aan houden is een groot goed. Het heeft te maken met trouw zijn. Trouw aan jezelf allereerst, maar ook met je trouw aan anderen en – als je gelovig bent- met je trouw aan God.

Er staat hier een schaal met stenen.

Stenen:……Een steen, hij is zo koud als een steen. Zij is zo hard als een steen. Twee uitdrukkingen die suggereren dat in steen geen enkele beweging of warmte zit. Maar zijn stenen wel zo dood als we denken? Het geloof dat stenen bezield zijn, overdraagbare kracht in zich hebben, neemt in onze westerse wereld toe. Meer en meer vernemen we van verbindingen tussen steen en spiritualiteit, tussen steen en therapie.

Dit alles vindt, grofweg gezegd, zijn oorsprong in het antieke gedachtegoed, dat stenen kracht of energie in zich hebben. Stenen spreken.

Een ieder die dat wil, wordt uitgenodigd een steen uit te zoeken.

Deze steen kunt u dan meenemen naar uw plaats.

(Terwijl er muziek is kan men, indien gewenst, een steen halen)

In de stilte kun je denken aan wat vasten voor jou betekent. Wat barmhartigheid voor jou betekent? Waar wil je je op vastleggen? Welke afspraak wil je met jezelf maken? Waar wil je trouw aan blijven? Wat wil je loslaten, waar geeft je je aan over, waar verzet je te tegen?

Stilte

Op de pelgrimageweg naar Santiago de Compostella komt de pelgrim in de bergen van León. Daar ligt op een hoogte bij een pas, een enorme hoop stenen waarin een lange paal staat met op de top een ijzeren kruis.

Pelgrims nemen een steen mee uit het dal. Soms krassen ze er hun naam in of een andere tekst. Dan gooien ze hem plechtig op een grote hoop. Het is een ritueel van achterlaten en loslaten. Achterlaten van datgene dat als een steen op je hart ligt: schuld, mislukking, pijn, boosheid en soms je oude leventje.

Het weggooien van die steen is zoiets als vergeving vragen.

Wie dat wil kan nu de steen bij de schaal met het houten kruis leggen.

Lied Tijd van leven  (VL 795)

Gerard:

TOEKOMSTSTOEL

Honger lijkt vaak een individueel lot: een lege maag, een droge keel, een

dag die te lang duurt. Maar in werkelijkheid is honger een verhaal van

gemis aan verbinding. Waar mensen elkaar niet bereiken, ontstaan

tekorten. Waar angst en onverschilligheid groeien, verdwijnt hoop.

Solidariteit doorbreekt dat patroon. Wanneer mensen besluiten niet weg

te kijken, verandert er iets wezenlijks. Een boer die zaden deelt met zijn

buur, oogst niet alleen meer voedsel, maar ook vertrouwen. Een

gemeenschap die samen een waterput bouwt, lest niet alleen dorst,

maar geeft kinderen de kans om naar school te gaan. Een stad ver weg

die eerlijke handel kiest, maakt het mogelijk dat gezinnen elders in

waardigheid kunnen leven van hun werk.

Solidariteit is geen abstract idee, maar een keten van kleine, moedige

keuzes. Het is het besef dat het welzijn van de één verbonden is met dat

van de ander. Door samen te werken, kennis te delen en rechtvaardig te

handelen, wordt honger geen onvermijdelijk lot, maar een probleem dat

kan worden opgelost.

Zo groeit hoop. Niet als een belofte zonder inhoud, maar als een

werkelijkheid die stap voor stap wordt opgebouwd. Wanneer mensen

elkaar voeden – met voedsel, met kansen, met aandacht – ontstaat een

toekomst waarin niemand vergeten hoeft te worden. Dat is de kracht van

solidariteit: zij maakt van genoeg voor enkelen, genoeg voor allen.

(Van een onbekende auteur.)

Zegen

De Barmhartige zij voor ons

om ons de juiste weg te wijzen.

De Liefdevolle zij achter ons

om ons in de armen te sluiten

en om ons te beschermen tegen gevaar.

De Barmhartige zij onder ons

om ons op te vangen

wanneer wij dreigen te vallen.

De Liefdevolle zij in ons

om ons te troosten als wij verdriet hebben.

De Barmhartige omgeve ons

als een beschermende muur

wanneer anderen over ons heen vallen.

De Liefdevolle zij boven ons om ons te zegenen.

Zo zegene ons God vandaag, morgen en tot in eeuwigheid.

Lied Herschep ons hart  (VL693)