Voorbereiding:
Ria Huisman, Gerard Jansen, Willem van der Meiden
Inleiding op het thema
Her-inneren: je opnieuw te binnen brengen. Omdat je doorleeft, omdat iemand die er niet meer is bij je blijft, je bijblijft. Omdat wat er nu in de wereld gebeurt niet het laatste woord kan zijn, mag zijn over deze wereld.
We ontmoeten elkaar in deze viering in muziek, in teksten en gebed, in beelden en rituelen. We gedenken en heiligen de sabbatdag: het hoogtepunt van Gods schepping, de ruimte die ons wordt geboden om stil te staan en te leven in het nu naar de toekomst toe. Wij vieren de ruimte die ons gegeven wordt om ons hart te laten spreken. Laten we vandaag deze ruimte vieren en ons hart herscheppen. Ik lees met u een modern chassidisch verhaal van de Amerikaanse rabbijn Rami Shapiro. Het heet De herinneraar.
De herinneraar
In de rijkere wijken van Robshitz, de stad waar rebbe Naftali rabbijn was, was het gebruikelijk dat huiseigenaren nachtwakers inhuurden om hun terrein te bewaken. Op een avond maakt de rabbijn een wandeling door het bos en keerde door een rijke buurt naar de stad terug. Een nachtwaker zag hem aankomen uit het bos en hield hem staande.
“Het spijt me, rebbe, ik had u niet herkend in het donker”, zei de nachtwaker toen de rabbijn dichterbij kwam en in het licht van een gaslamp stond.
De rabbijn glimlachte en vroeg hem: “Voor wie werkt u?”
De bewaker vertelde hem voor wie hij werkte. Toen stelde hij dezelfde vraag aan de rebbe: “En voor wie werkt u vanavond, rebbe?”
De vraag trof rebbe Naftali als een stomp in zijn maag. Hij deed een stap of twee naar achteren en stamelde toen: “Ik werk op het moment voor niemand”.
De rabbijn begon te ijsberen in het licht van de gaslamp. Plotseling stond hij stil, richtte zich tot de bewaker en zei: “Ik wil u graag inhuren.”
“Mij?” zei de man. ”Ik ben nachtwaker. Ik weet niks van rabbijnen en wat zij doen. Ik bescherm wat mijn meester belangrijk vindt. Wat zou ik nou voor u kunnen doen?”
“Precies hetzelfde”, zei rebbe Naftali. “Wat voor mij belangrijk is, is mijn ziel, en om haar te beschermen moet ik voor de Eeuwige werken.”
“Maar wat zou mijn taak dan zijn?”
“Mij daaraan herinneren”, zei de rebbe.
Rami M. Shapiro (uit: Hasidic Tales, 2003)
Over Wendell Berry
De Amerikaanse schrijver Wendell Berry, inmiddels 91 jaar oud, nam op zijn dertigste afscheid van zijn universitaire loopbaan en werd boer op de familieboerderij, in Kentucky. Hij was in de tweede helft van zijn leven een radicale milieuactivist, die zich vooral inzette tegen de uitputting van de aarde en van de grond. Zijn hele leven tot op de dag van vandaag bleef hij romans, verhalen en gedichten schrijven, o.a. de grote serie Sabbath Poems, waarvan ik er nu één zal voordragen. Als Berry het woord Sabbat gebruikt, moet u denken aan de sabbat van het sabbatsjaar uit Leviticus 25, waarin het visioen verteld wordt dat het elk zevende jaar de aarde gegund wordt zich te herstellen van bebouwing, roofbouw, verwoesting en uitbuiting door de mens. In al zijn sabbatsgedichten proeft u iets van dit visioen, zo ook in dit niet al te eenvoudige gedicht, waarin het gaat over voortleven in her-in-nering en over het aardse leven dat zich, ondanks alle aanslagen die het te verduren krijgt, toch steeds weer vernieuwt.
Sabbatsgedicht VI
Het leven vergeeft zijn plunderaars,
vernieuwd door verlies gaat het voort.
Luther Penn, onze buurman,
steeds in onze gedachten, zal niet meer
komen naar de monding van de kreek
om er te gaan vissen in april. Het jaar
rijpt. Bladeren vallen. De aarde ligt open
en waar oude bomen geveld werden,
daar vertoont de grond zich aan de lucht,
slangenwortel bloeit er wit op,
geeft glans aan de wereld.
Mier en kever boren zich door
onmogelijke gangen, vervallen tot stof,
hun pantser verdwijnt in de molm.
Brede vleugels kruipen de bosjes in, vouwen zich
en vallen stil, slaan open en zijn weg.
Wendell Berry (uit: This day: collected & new Sabbath poems, 1985)
Overweging
Ik lees met u het vierde van de Tien Woorden, Exodus 20: 8-11:
“Gedenk de dag van de sabbat, door die te heiligen.
Zes dagen mag je dienen en al je werk doen
de zevende dag is een sabbat voor de Ene, jullie God,
geen werk, wat dan ook, zul je doen:
jij, je zoon, je dochter,
je dienaar, je dienstmeid, je dieren
noch je gast binnen je poorten.
Want in zes dagen maakte de Ene de hemelen en de aarde
de zee en al wat erin is,
en hij rustte op de zevende dag,
daarom heeft de Ene de sabbatdag gezegend
en hem geheiligd.”
Gedenk de sabbatdag, door die te heiligen. De sabbat heiligen, wat is dat? Is dat: niet werken? En wie moet er dan wel werken? De sabbat is voor Joden de afsluiting van de week, zoals – het staat in onze tekst – de Ene de sabbatsdag schept als sluitstuk van de schepping: een dag om te rusten, niets te moeten, van ophouden te weten. In veel joodse theologie is de sabbat dan ook het hoogtepunt van de schepping, het uitroepteken van scheppingskracht. En dus is voor hen zeker niet het hoogtepunt de schepping van de mens op dag 6. Stel je voor: wat zou die mens zich dan kunnen verbeelden. Rust – zeggen joodse theologen – rust biedt ruimte: ja, ook voor bezinning, voor inkeer, maar zeker ook focus op wat wezenlijk is in een mensenleven: geloof, hoop en liefde. Rust biedt uitzicht op de week, de sabbat zet mensen in die ruimte, opent de week, waarin mensen mogen werken, creatief kunnen zijn, niet hoeven te presteren, uit te blinken, een punt te drukken, zich te bewijzen. Op de sabbat mag je van ophouden weten – een mooie uitdrukking! Deze sabbat is ook de dragende gedachte van het sabbatsjaar, waarover de boer uit Kentucky dichtte: “In het zevende jaar zal er een rust zijn, ja een sabbatsrust zal er zijn voor de aarde en voor de Ene. Gij zult uw veld niet bezaaien en uw wijngaard niet besnoeien.”
De interpretatie van de sabbat als ruimte voor bezinning, als pas op de plaats, is overgenomen door veel christenen voor hun zondag. Maar andere christenen pleisteren nog steeds hun zondagen dicht met wat moet en niet mag.
Ook de sabbat wordt wereldwijd door orthodoxe joden, zoals de chassidische, soms gevierd onder een zeer streng regime van wat moet en niet mag. Strenger vaak nog dan onze gereformeerde zondag. Wandelen mag, maar tot een bepaalde afstand: niet verder dan 2000 passen van de eigen woning. Eten en drinken zijn strak gereglementeerd. Et cetera. Mijn vader Anne was zo omstreeks mijn geboorte een sjabbesgoj. U zegt? Ja, zo heet dat in het Jiddisch: sjabbesgoj. Sjabbes is Jiddisch voor sjabbat, de sabbat, een goj is een niet-jood, een heiden, zo u wilt. Wij – ik was er nog maar net bij – woonden in Amsterdam op kamers, naast Carré aan de Amstel, en beneden ons woonde een ouder echtpaar Mendes da Costa: Sefardische joden die de oorlog ternauwernood hadden overleefd door net op tijd onder te duiken. Ze waren zeer streng in leer en leven en als het in de herfst en winter vroeg donker werd, zoals nu, vroegen ze mijn vader om op vrijdagavond bij hen de verlichting aan te doen, want dat mochten zij zelf niet. Ik heb er geen actieve herinnering aan, maar ik heb het verhaal altijd onthouden.
Het chassidisme was en is ook een orthodoxe stroming. Maar het mooie van het chassidisme – een mystieke stroming die begonnen is in Oost-Europa in de 18e eeuw – is dat het in de verhalen en legenden over strenge rabbijnen ook altijd die orthodoxie met relativering en humor beziet.
Twee weken geleden tooide Hendrik Werkmans Engel van de laatste troost ons programmaboekje. Een ander ‘druksel’ van Werkman in dezelfde serie heet de Sabbat der eenvoudigen. Het staat op de omslag van het programmaboekje van deze viering. Het verhaal erbij gaat over een ouder echtpaar, dat te arm is om eten voor de sabbat te kopen. Als haar man naar de synagoge is, vindt de vrouw echter als in een wonder in haar kledingkist zilveren muntjes, opgenaaid aan een oude, vergeten jurk, zodat ze toch het nodige voor de sabbat kan aanschaffen. Wanneer haar man op de vrijdagavond terugkeert uit sjoel vindt hij de tafel gedekt en hij is zo verrukt dat hij zijn vrouw bij zich neemt en een vreugdedansje met haar maakt. Een rabbi ziet hen door het verlichte raam dansen en kan zijn geluk niet op. “Deze arme mensen weten hoe zij de sabbat moeten heiligen”, verzucht hij.
Werkman schreef bij dit druksel de volgende tekst:
“Zij dansen de bestemmingen van de mens:
dat hij niet in het leven is geroepen
om te jachten en te jagen
dat het goed is van ophouden te weten
en te rusten en te lachen
(…)
die oeroude,
maar vandaag op grote schaal
vergeten wijsheid dansen zij.”
Alle 20 druksels zijn overigens in te zien op de website van de Koninklijke Bibliotheek. U kunt daar zelfs een verzoek indienen om oorspronkelijke afdrukken te bezichtigen.
Hoezo dansen op de sabbat… En dat zou niet mogen? Hoor en zie het verhaal dat Hendrik Werkman inspireerde: een echtpaar dat op de sabbat een dansje waagt. Ja, het chassidisme is orthodox, maar het koestert de heiliging van het gewone leven als eerbied voor God. En die heiliging spreekt met twee woorden: eerbied en vrijheid. En ook: focus en ruimte. Het chassidisme heet mystiek te zijn. Die mystiek houdt in: het is goed om het gewone leven te heiligen en je hart open te stellen voor het geheim van de Ene en het geheim van de ander.
“Daarom heeft de Ene de sabbat gezegend en die geheiligd.” Heiligen is in het bijbelse spraakgebruik ‘apart zetten’, ‘een bijzondere plaats geven’, ‘uitzonderlijk’ maken. De sabbat heiligen is: één dag in de week waarop wij ons mogen bezinnen en opnieuw mogen richten op wat wezenlijk is. De dag waarop we in de ruimte en in het nu worden gezet, in de vrijheid van het mogen, de dag waarop we van ophouden mogen weten. Als we deze dag maar vieren en stilstaan bij die vrijheid van het mogen.
Her-in-ner je de sabbat, breng je weer te binnen waarvoor die dag bedoeld is, en handel daar nu naar. Maak je die dag weer eigen, geef de ruimte van die dag een plaats in je hart. Het verleden gedenken is de koestering van wat of wie je verloren bent als een krachtbron voor nieuw leven in het nu, kome wat komt.
En God zegende de zevende dag en zij heiligde die, want op die dag rustte hij – ‘sjabbat’ in het Hebreeuws – van al zijn werk dat hij geschapen had, om het te doen. En dan is er ruimte voor de mens. Amen
Voorbeden
Goede God,
Wij proberen, ieder op eigen wijze en naar eigen kunnen, op een actieve manier in het leven te staan. Dat brengt vaak veel drukte met zich mee. Mogen we ons dan het heiligen van de Sabbat weer bewust worden. Niet alleen om onszelf rust te gunnen, maar ook om weer van betekenis te kunnen worden voor anderen. Natuurlijk weten wij dat de Sabbat, of bij ons christenen de zondag, daarvoor bedoeld is, maar U heeft toch niet alleen déze dagen gemaakt om ons van uw schepping te laten genieten? Help ons daarom bewust in het leven te staan en voortdurend oog te hebben voor alles wat ons omringt: bomen en planten die groeien, de aardige mensen om ons heen, kunst en muziek, het huis waarin wij kunnen wonen, de gezelligheid die ons soms onverwacht ten deel valt. Moge het ons lukken, al is het maar enkele ogenblikken per dag. om daar in verwondering bij stil te staan. Alleen zo kunnen wij het leven, en daarmee U, heiligen.
Bidden wij tenslotte voor de intenties die in het intentieboek staan opgeschreven:……………, en voor alles wat diep in ons hart leeft………..
Amen.
Collecte / Muziek
De collecte deze maand is voor Stichting Plant een Olijfboom. Op de achterkant van uw boekje vindt u hier informatie over en een QR-code als u een gift wilt doen. Van harte aanbevolen!
Breken en delen (Willem)
Wij gedenken, her-in-neren ons wie ons voorging.
Wij vieren onze dankbaarheid voor het leven.
Wij verwachten wat op ons toekomt: vrede en gerechtigheid.
Daarom breken en delen wij dit brood (…) om ons opnieuw te verbinden met de Messias Jezus, die zich met lijf en leden met ons verbonden heeft.
Daarom delen wij deze wijn (…) om ons te verbinden met elkaar, onze levens open te stellen voor elkaar, tot zijn gedachtenis.
Lechajim: op de levenden!
Gedicht vanaf de toekomststoel
nooit gedroomd
de bron waaruit wij drinken
nooit gedacht
het huis waarin wij leven
nooit geloofd
de vrienden die ons voeden
eens verlangd
een eenzaamheid te keren
eens gehoopt
een ander te bezitten
eens gewenst
een status te verwerven
nu de vrijheid
van het achterlaten
nu de vreugde
van het verder trekken
naast elkaar een
licht te zien – soms even…
catharina visser
Zegenbede
Wij sluiten de woorden van deze viering af met de bekende joodse zegenbede:
Lieve God,
Behoed ons
zegen ons
bewaar ons
Gij die ons hebt toegekeerd
naar elkaar,
om elkaar
te bewaren
te zegenen
te behoeden
Amen
